« Venijn | voorpagina | Het kan nog best »

Kamperen bij de boer, de postmoderne versie

We kampeerden* afgelopen weekend bij boer Leo, die ooit boer was. Nu is zijn boerderij een pretpark. De koe als attractie. De boerenschuur als attractie.

Om zes uur koeien melken, kinderen mogen meedoen in overall en zelf de slangen op de uiers zetten. Hmmm, wel wat vroeg, kan dat niet wat later. Tuurlijk meneer, mevrouw, even kijken, drie uur vanmiddag is er ook nog plek. Ze leren dan dat daar de melk vandaan komt, dezelfde melk die bij ons in de ijskast staat. Nee, echt? Echt.

Een neef van boer Leo was bijrijder op de tractor. Kinderen mochten zelf sturen. Twee rondjes. In de hooischuur stond een trampoline. Springen op hooi bleek extra leuk. Eitjes kwamen vers van de kippen op het erf.

Op weg naar een kasteeltje passeerden we een 'Cherry Inn'. Dat is het kersen-oogstfeest, maar dan met springkussen. En een wedstrijd kersenpitten ver spugen. De kok van het restaurant waar wij later zouden eten had het record op zijn naam staan. Vijftien meter. Ongelogen.

Ik waande me in het boek van Julian Barnes: England England.
In dat boek wordt een replica van Engeland gebouwd. De prettige Engelse tradities die toeristen trekken worden behouden. De rest wordt overboord gegooid. De tradities en bezienswaardigheden en evenementen worden wat geconcentreerd aangeboden, zodat het wat handzamer is voor de bezoeker.

Het postmoderne decor hield gelukkig niet op alle fronten stand. Er was een authentieke bruiloft in de schuur met een mengeling van Gothic en gereformeerde gasten; en er was een prachtig landschap; een dame van 90 die in haar eentje aan het wandelen was en een bosbad, waarover later meer.

Wij genoten. Misschien nog wel meer dan de zes kinderen.

*Kamperen als in bed & breakfast

Twitter
Columns
AD Rotterdams Dagblad.
> lees verder   Volg Willemijn op Twitter
Loutermail:
louterlog@gmail.com
Feeds:
atom/rss


Bestellen via Louterlog