Twintig jaar gelden zagen R. en ik 'De Kersentuin' van Tsjechov in de schouwburg in Nijmegen. Het was mijn allereerste toneelstuk dat werd opgevoerd door een gerenommeerd gezelschap. Slechts de eerste vijf rijen waren bezet. Omdat ik me altijd identificeer met de stad waarin ik woon, schaamde ik me. Het was niet erg dat weinig mensen in de provincie belangstelling hebben voor Hoge Cultuur, maar nu was het opeens zo zichtbaar. En ik was een van hen, want ik zat ook nooit in de schouwburg. Wij werden door het Nationale Gezelschap uitgenodigd om de goedkope stoelen -we studeerden- te verlaten en om plaats te nemen in rij 3.
Ik was destijds niet geraakt door het stuk, waarover toch gezegd wordt dat het door je ziel moet snijden, uitgevoerd door een van de beste gezelschappen. Als dat me dan helemaal koud laat, heb ik kennelijk geen talent om toneel te bekijken en ik besloot dat toneel niets voor mij is. Het zou vijftien jaar duren voor ik weer bij een toneelstuk belandde: een vriendin had een kaartje over. De voorstelling over Proust was betoverend.
Misschien was ik toneel-technisch toch ontvankelijker dan ik de helft van mijn leven had gedacht.Overmoedig door dit onvermoede talent om van toneelstukken te kunnen genieten, bezochten R. en ik afgelopen weekend de Kersentuin van Tjechov.
Ik kwam veel bekenden tegen, ouders van de balletles van Lena, collega's, buren. Die doen dus wel aan Cultuur. Al die tijd had ik iets gemist.
De voorstgelling was uitverkocht. Maar na de pauze waren er opeens allemaal lege stoelen. Ongeveer 1/8 van de bezoekers was niet teruggekomen voor het tweede deel. En ik gaf ze gelijk. Het decor was prachtig en sommige momenten waren bijna breekbaar, maar de bewerking van Erik Vos zat vol kluchtige grapjes die over die momenten heenwalsten.
Ik blijk minder geschikt dan gedacht voor het ontvangen van Cultuur. Ik wacht weer even 15 jaar met het volgende klassieke toneelstuk.

