De zware jongens halen de voorpagina’s, de boefjes niet. Willemijn Dicke doet elke week verslag van een doodnormale Rotterdamse rechtszaak.

In de rubriek 'De buurtkroeg' trekt Willemijn Dicke langs ouderwetse kroegen, waar stamgasten niet komen om te loungen maar om te drinken. 

De boefjes

Ode aan de rennende, dienstbare bode

Deze rubriek gaat vaak over ongeloofwaardige verdachten; of verdachten met wie 'niets mis' was, maar die eens in hun leven een fout hebben gemaakt die hun hele leven zal veranderen. Vooral als ze onverwacht voor een scheiding kwamen te staan, bleken de gewoonste mensen tot de gekste dingen in staat.

Vaak passeerden elitaire rechters die blijk gaven van minimale kennis van de hedendaagse maatschappij in andere kringen dan de hunne 'o, gaat dat zo bij de voetbalvereniging?' Ook veel vaderlijke en moederlijke rechters die nogal eens met adviezen kwamen die ver buiten het wetboek lagen. In veel zaken waren strenge officieren van justitie die hun requisitoir vooral als preek gebruikten. De advocaten kwamen in alle soorten en maten. Het meest irritant waren de advocaten die over de hoofden van de minder begaafde cliënten grapjes maakten met de rechter. Bah.

Tot nu toe is een belangrijke groep onbesproken gebleven: de bode. Zij zijn het gezicht van de rechtbank. Zenuwachtige verdachten en bezorgde ouders zien hen als eerste als ze de rechtbank binnenkomen. Bij de Rotterdamse Rechtbank zijn de bodes vriendelijk, flexibel maar altijd doortastend. Ze blijven aardig tegen ouders die de juiste documenten zijn vergeten, en denken mee hoe dat nu nog opgelost kan worden. Ze wijzen advocaten die te laat binnen komen rennen de weg zodat de zaak toch nog tijdig doorgang kan vinden. Ze weten precies hoe ze moeten omgaan met wispelturige rechters, die eerst deze zaak willen, toch maar die, onee, nog eens van gedachten veranderd. Ze blijven onvermoeibaar en dienstbaar op en neer rennen tussen de zalen, daarbij in de gaten houdend of de wachtenden zich rustig houden. Ze drukken de jonge verdachten nog eens op het hart om hun mobiel uit te zetten voordat ze de zaal binnengaan. Ze gaan preventief in de zaal zitten om als buffer te dienen tussen verdachte en slachtoffer.

De bodes zijn minstens zo onmisbaar voor de rechtsgang als de sjieke heren en mevrouwen binnen in de zittingzalen, durf ik te beweren.

Ik ben stom geweest

geplaatst 27 april 2010

De lange, verzorgde man is strak in het pak gekleed. Tot voor kort had hij een goede baan en een mooi huis. Nu is hij alles kwijt. Waardoor? Vorig jaar is hij dronken achter het stuur gekropen. De verdachte had zes maal de toegestane hoeveelheid alcohol in zijn bloed. Het was niet de eerste keer dat hij betrapt is op het rijden onder invloed.

De Schiedammer, 48 jaar oud, spreekt zacht en vol berouw. 'Ik ben stom geweest.'Het had nooit mogen gebeuren en sinds die dag in september heeft hij geen druppel meer gedronken.

Die dag was de schoolreünie. Hij had met zijn vrouw afgesproken dat zij terug zou rijden. Tijdens de feestavond zijn ze elkaar uit het oog verloren en opeens kwam een vriendin van zijn vrouw naar hem toegelopen: zijn vrouw was zojuist onwel naar huis gegaan. Die vriendin overhandigde hem de autosleutels. Hij is toen in paniek in de auto gestapt en naar huis gereden. 'Een foute beslissing, ik weet het', zegt de man met gebogen hoofd. Meteen de volgende dag werd hij ontslagen: hij was vertegenwoordiger en zonder rijbewijs kan hij zijn werk niet doen. Hij heeft afgelopen tien maanden gesolliciteerd, maar hij heeft nog steeds geen nieuw werk gevonden. Af en toe loopt hij een krantenwijk. Inmiddels heeft hij zijn huis moeten verkopen. 'Ik ben persoonlijk failliet.'

De rechter heeft er begrip voor dat de man zijn rijbewijs nodig heeft, maar hij heeft ook zijn verantwoordelijkheid naar de samenleving. Bovendien bestaan er richtlijnen die ervoor zorgen dat gelijke overtredingen op dezelfde straf kunnen rekenen, de bewegingsruimte van de rechter is beperkt. Voor deze verdachte betekent het 17 maanden ontzegging van zijn rijbevoegdheid en 60 uur werkstraf.

De man hoort het vonnis ontzet aan, en vraagt dan beleefd of hij er nog over mag nadenken of hij in hoger beroep wil. De rechter honoreert vanzelfsprekend zijn verzoek en wenst hem sterkte en succes bij het vinden van een baan.

Bij blanke jongetjes zie je het sneller

geplaatst 20 april 2010

De man wordt verdacht van mishandeling van zijn stiefzoontje. Toen het zevenjarig jongetje de volgende dag ging logeren bij zijn oma, schrok zij van de blauwe plekken en de striemen in zijn nek. Ze maakte foto's. De biologische vader heeft daarna aangifte gedaan. De foto's zitten in het dossier en de rechter toont nare beelden van een kinderhalsje aan de zaal.

De rechter vraagt hoe het allemaal is gegaan. De 47-jarige verdachte, geboren op Curaçao, vertelt dat zijn stiefzoontje die hele dag al lastig was geweest. Zijn vriendin vroeg hem om te helpen om hem op bed te leggen; het was al half tien. De jongen stribbelde tegen. Toen de stiefzoon ook nog eens de kat bij zijn staart pakte, en het beestje op de grond sloeg, werd de man werd boos. Hij pakte de knul bij zijn nek, en zei dat hij naar zijn slaapkamer moest.

Het jongetje heeft anders getuigd, zo leest de rechter voor uit de schriftelijke verklaring. 'Hij heeft me meegesleurd, terwijl hij met zijn duim en wijsvinger mijn nek vasthield, en hij gooide me in de slaapkamer. Ik durfde niet te huilen, want ik was bang om geluid te maken.'

De man geeft toe dat hij zijn stiefzoon hard heeft vastgepakt, maar hij vindt het geen kindermishandeling. Daarvan is alleen sprake als je je kind vaker slaat. Hij slaat zijn kinderen nooit. Bovendien, de verwondingen lijken erger dan het is: 'Het kind is blank.' De rechter begrijpt deze opmerking niet. 'Bij blanke kinderen zie je meteen de blauwe plekken.'

De officier schrikt van deze opmerking. Ziet verdachte niet in dat zulk geweld niet meer bij opvoedkundige maatregelen hoort? De man bindt in. Het zal nooit meer gebeuren. De rechter doet uitspraak. Ze weegt mee dat het hier niet gaat om structureel geweld. Het is een incident, en daarvoor geeft zij 60 uur werkstraf.

De man reageert fel. 'Ik heb mijn kinderen nooit mishandeld! Dit laat ik me door niemand zeggen. Ik ga in hoger beroep.'

Ze heeft nooit haar excuus aangeboden

geplaatst 12 april 2010

Zoals wel vaker, zitten er achter de tafel in de zittingszaal louter vrouwen: de officier, de rechter en de griffier. De jongen van 21 jaar bekent meteen: hij heeft inderdaad tegen de auto geschopt, met deuken en beschadigingen als gevolg. Het is een jongen zonder noemenswaardig strafblad, met vast werk die daarnaast nog een opleiding volgt. Hoe is het gekomen? Net daarvoor was er bij hem aangebeld. 'Kom snel, je broertje is aangereden.' 

Hij rende naar buiten en zag zijn broertje op straat liggen. Toen hij bij hem neerknielde, begon de mevrouw die de aanrijding had veroorzaakt naar hem te toeren. Hij moest opzij, want zij wilde wegrijden. 'Ze hield zich niet bezig met ons. Geen excuses. Ze bleef maar in haar auto.'

Uit de schriftelijke verklaring van de bestuurder komt een ander beeld naar voren. Zij heeft na de aanrijding direct de ambulance gebeld. Snel daarna verzamelde zich een grote groep omstanders om haar auto, die haar begonnen uit te schelden, en ze sloegen en schopten tegen de auto. Ze durfde de auto niet meer uit. Op aanwijzen van het ambulance personeel, moest ze haar auto aan de kant zetten, maar de verdachte stond in de weg. Daarom toeterde ze, om de ambulance erdoor te laten.

De jongen zegt dat hij spijt heeft, al is hij nog steeds kwaad.  'Ze heeft nooit excuses gemaakt.' De rechter vraagt of hij misschien wel zijn excuses heeft aangeboden. Nee, ook niet.

De officier van justitie, met lange blonde haren en hoge hakken onder haar toga, somt met luide stem de feiten op, als een strenge schooljuffrouw. Ze eist een geldboete van 180 euro. De rechter kan zich voorstellen dat emoties een rol hebben gespeeld, maar zó moet het niet. 'Ik vind de eis van de officier eigenlijk een koopje, maar dat is wat ik u op zal leggen. Het ga u goed. En een beetje rustiger aan, hè.'

De jongen, beduusd door dit moederlijke advies, neemt afscheid met 'een fijne dag nog.'

Harde werker, lieve vader. Niets mis mee.

'Verschrikkelijk dat dit is gebeurd' begint de verdachte, een man van 50 jaar uit Barendrecht. Zijn vrouw wilde van hem scheiden en dat kwam nogal onverwacht. En ze had ook al een nieuwe relatie. De Barendrechtenaar heeft haar toen maanden gestalkt en met de dood bedreigd. 'Ik heb er spijt van. Het is niets voor mij, ik was de weg kwijt. Ik heb al anderhalf jaar mijn kinderen niet gezien.'

Het enige wat hij nu nog heeft is zijn werk, en dat doet hij met veel liefde. Hij is al 25 jaar leidinggevende van 'jonge gasten', en nu hij zijn eigen kroost niet meer mag zien, beschouwt hij hen maar als zijn kinderen. 'Wat?'vraagt de rechter verbaasd. 'Zo zou ik mijn collega's nooit typeren.' De rechter wil weten wat zijn werk inhoudt en de man vertelt honderduit. 'Ik zie dat u opeens vrolijk kijkt', merkt de rechter op. 'Mijn werk is mijn alles.' 'Goed dat werken reden tot vreugde is', besluit de rechter. 

Terug naar de zaak. De officier acht de stalking bewezen en eist 120 uur werkstraf en 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. Daar is de advocaat het niet mee eens. De verdachte heeft al genoeg straf gehad door zijn kinderen niet te zien. En hij is gedwongen in behandeling om beter om te gaan met zijn verdriet en agressie. 'We zien hier bij de rechtbank veel mensen voorbijkomen, met allerlei problemen.  Dat is bij deze meneer niet het geval. Het is een harde werker, een lieve vader. Niks mis mee.' De verdachte is even de weg kwijt geraakt door de echtscheiding, maar nu is hij weer in orde. Het is niet nodig om hem met straf op te zadelen. De advocaat is nogal lang van stof, en als hij voor de derde keer 'tot slot' zegt, merkt de rechter vinnig op dat de advocaat al drie keer zijn betoog heeft afgerond maar nog steeds aan het praten is. De rechter doet uitspraak: 80 uur werkstraf en twee maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. 

Aan intenties hebben we niets

geplaatst 30 maart 2010

Samen met zijn vader komt de jongen uit Middelharnis de rechtszaal binnen. Hij ziet er jonger uit, maar hij is 24 jaar. Anderhalf jaar geleden is op het einde van een groot feest een vechtpartij ontstaan. De mannen van de bewaking moesten erbij komen. Verdachte zou een bewaker hebben geslagen met een ploertendoder met als resultaat twee gebroken vingers. De bewaker, een gehoekte man, is ook aanwezig op de zitting. Op de rug van zijn jas staat in witte letters 'Security.'

De jongen wordt er ook van verdacht dat hij na de vechtpartij in zijn auto is gestapt en op de parkeerplaats met grote snelheid is ingereden op leden van de bewaking en op feestgangers die daar toevallig liepen.

De jongen spreekt beheerst en precies. Hij ontkent. Een ploertendoder heeft hij nooit gehad. Hij was het niet die heeft geslagen. En dat inrijden op de parkeerplaats: hij was bang en wilde weg maar in paniek kon hij de uitgang niet vinden. Hij heeft nooit de intentie gehad om iemand te raken. 'Intenties hebben we niets aan', bromt de rechter. 'Bedoeling of niet, u reed in op mensen.' De rechter leest verklaringen voor van diverse getuigen die zeggen dat zij voor hun leven opzij moesten springen. De jongen heeft spijt. 'Het was een domme actie.' Die twaalf bier hielp ook niet.

Het slachtoffer komt naar voren. De brede man leest geëmotioneerd voor hoe hij nog steeds last heeft van het gebeurde. Niet alleen van zijn hand, maar ook dat hij de dood in de ogen heeft gekeken. Zijn stem wordt steeds dunner. De verdachte reageert en verklaart nogmaals dat hij niet heeft geslagen.

De officier acht de feiten bewezen en eist 120 uur werkstraf en 2 maanden voorwaardelijk. De rechter vindt dit 'totaal gestoord gedrag' en gaat hier overheen. Hij acht de jongen schuldig aan alle feiten: 8 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 voorwaardelijk. Ook wordt hij veroordeeld tot het betalen van 4800 euro schadevergoeding aan het slachtoffer. Perplex, bijna bevroren, verlaten jongen en vader de zaal.

O nee, die straf wordt 2x zo hoog

Opgewonden gekwetter in de gangen van de rechtbank waar anders alleen met gedempte stem wordt gesproken: er is een schoolklas op bezoek. De VWO scholieren mogen vandaag een zitting bijwonen -die zijn immers openbaar. Net voordat de zaak wordt uitgeroepen, loopt de bode naar een advocaat en vertelt hem dat bij zijn zaak de klas aanwezig zal zijn. 'O nee. Dat betekent dat de rechter een tweemaal zo hoge straf zal opleggen.'

De verdachte is een man van drieënveertig. Het gaat om mishandeling van zijn dochter. De mishandeling gebeurde na een gesprek waarin hij er achterkwam dat zijn dochter voor een vriendje een telefoonabonnement had geopend. De schuld was opgelopen tot 1200 euro. En hij hoorde ook nog eens dat ze, een paar maanden voor haar eindexamen, van school was getrapt. Toen werd hij een beetje boos.

De rechter laat foto's zien van de dochter na de mishandeling. Eerst nog rustig. Maar bij de derde foto zegt hij met stemverheffing: 'U zei dat u een beetje boos was. U heeft haar paars geslagen!'

De rechter houdt hem de verklaring van zijn vrouw voor: ook zij zou al veertien jaar lang geslagen worden door hem. Ook beweert ze dat hij hun dochter veel vaker heeft geslagen. De man ontkent stellig, het is bij die ene keer gebleven. 'Dan is er nog heel wat te bespreken tussen u beiden, want zij denkt daar heel anders over', merkt de rechter op.

De officier spreekt haar eis uit. De richtlijn voor een dergelijke mishandeling is 40 uur werkstraf en 1 maand voorwaardelijk, begint ze. Maar zij eist 80 uur en 2 maanden omdat het niet gaat om een willekeurige mishandeling, maar om zijn dochter. Die moet zich thuis veilig kunnen voelen. De advocaat haalt alles uit de kast om zijn cliënt te verdedigen. Het mag de verdachte niet baten. De rechter denkt dat er structureel geweld is in huis en 'misse toestanden'. Hij legt 60 uur werkstraf op, en 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf.

De klas hoort het vonnis muisstil aan.

'Er rijden ook treinen naar Dordrecht'

Een man en zijn dochtertje zitten in de wachtruimte bij een rechtszaal. Met een half oog leest hij de krant. Ondertussen speelt hij een Turkse va- riant op 'er komt een muisje aangelopen' met zijn dochter- tje. Ze zal om en nabij de drie zijn. Ze schatert, iedere keer weer alsof het telkens een verrassing blijft dat de vingers van haar vader in haar halsje belanden. Dan brandt de rode lamp naast de deur van de zittingszaal. Een bode, die net nog aan het buurten was met zijn collega's, loopt onmiddellijk de gang door en opent de deur. Luid roept hij de naam van de verdachte, zodat advocaten, belangstellenden en de verdachte weten dat de zaak begint. De man tilt zijn dochtertje op en loopt naar de deur. ,,Kinderen zijn niet toegestaan,'' zegt de bode. ,,Wat moeten we dan?'' vraagt de man. ,,Ik moet naar binnen.'' De bode overlegt met de rechter. ,,Eigenlijk mogen kinderen hier niet komen. Maar vooruit, kom maar,'' strijkt de rechter over zijn hart. ,,Ze zal heel stil zijn meneer de rechter.''
Het meisje dat zoëven nog schaterde, zit nu muisstil op een stoel op de achterste rij, zonder speelgoed, zonder vermaak. Hoelang kan een meisje van drie dat volhouden? De 33- jarige man uit Dordrecht heeft dronken achter het stuur gezeten. Het is boven- dien niet de eerste keer. ,,Er rijden toch ook treinen naar Dordrecht? Waarom heeft u geen trein of taxi genomen?'' De man weet ook wel dat het niet goed is, maar ja, zo is het gelopen die nacht. De rechter legt een boete van 650 euro op en ook nog een voorwaardelijke rij-ontzegging.
Het dochtertje glijdt van haar stoel en sluipt voorzichtig naar de volgende rij. Ze probeert, nog steeds geluidloos, verschil- lende stoelen achter elkaar.
De verdachte zegt tegen de rechter dat hij dit wel een erg zware straf vindt. ,,Dan kunt u hoger beroep instellen,'' zegt de rechter enigszins bits. ,,Nee, ik ga wel betalen.'' Het meisje klapt in haar handjes als de rechter de zitting sluit, alsof het een prima voorstelling was.

'Gaat u weer weglopen en weer stelen?'

,,Ik had zin in een jointje,'' zegt de Rotterdammer van begin twintig, als de rechter vraagt waarom hij de winkeldiefstal heeft gepleegd. Zijn mond staat open en hij spreekt langzaam. Hij heeft dvd's gestolen en wilde ze verkopen om een jointje te kopen. Toen hij de diefstal pleegde, woonde hij onder begeleiding. ,,Dat bete- kent toch dat u alleen met begeleiders uw woning mocht verlaten?'' vraagt de rechter. ,,Hoe kwam het dan dat u alleen was?'' De jongen antwoordt direct en zegt eerlijk dat hij was weggelopen. Al begrijpt hij niet alles meteen. Hij staat er alleen voor. Er is geen verzorger meegekomen. De jongen zit in 'maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders', een zogeheten ISD-maatregel bedoeld voor veelplegers. In dit geval heeft hij eerst in de gevangenis gezeten. Daarna volgde een losser regime in een begeleidwonentraject. Hij heeft het daar uitstekend naar zijn zin. ,,We leren daar alles in stap- pen. We leren met mensen omgaan, we hebben corvee. En we leren om op tijd te komen. Zulke dingen. In de volgende fase krijg ik zakgeld.'' Hij drukt zijn bril omhoog, die meteen weer van zijn neus glijdt.

IDIOOT
,,Het ging zo goed met u,'' verzucht de rechter. ,,En toch loopt u weg en pleegt u een diefstal. Hoe moet dat nu bij uw volgende stap? Gaat u dan ook weer weglopen en stelen?'' ,,Nee, dat doe ik niet meer. Ik ben gestopt met blowen.'' De officier vraagt om een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken. De jongen begrijpt dit niet, dus legt de rechter het geduldig uit. En nog eens. De rechter volgt de eis van de officier en drukt de jongen dan op het hart om geen foute dingen meer te doen. ,,Oké, is goed,'' zegt de jongen. Zijn gezichtsuitdrukking ver- raadt niet hoeveel hij van deze uitspraak heeft begrepen. Na het sluiten van de zitting mom- pelt de rechter boos tegen de officier: ,,Idioot dat ze geen begeleiders meesturen met deze jongen.''

'Huiselijk geweld vatten we ernstig op'

De man en zijn vriendin had- den ruzie. Op een gegeven mo- ment pakte hij een vleesmes met een grote punt. Volgens zijn vriendin, die aangifte had gedaan, heeft hij haar met het mes bedreigd die avond. De rechter vraagt aan de verdachte of dat klopt.
,,Nee, het is een misverstand,'' zegt hij. Dat van dat mes klopt wel, maar hij heeft haar niet be- dreigd. ,,Ik zei dat ik mezelf wat aan zou doen.''
Hij heeft al elf jaar een relatie met zijn vriendin. Nog steeds trouwens. Ze wonen niet sa- men, maar ook weer wel. Eigen- lijk heeft hij twee slaapkamers: eentje thuis en een bij haar. Ze hebben samen een kind. De verdachte weet niet meer precies wat er dan wel is gebeurd. ,,We hadden allebei zitten drinken die avond.''
,,Toch heeft uw vriendin de politie gebeld en aangifte gedaan,'' zegt de rechter. De vrouw zit in de zaal en knikt instemmend. ,,Kennelijk voelde zij zich wel bedreigd.'' De burgemeester heeft hem toen een straatverbod opgelegd: hij mocht niet bij haar in de buurt komen.

KINDEREN
De officier van justitie vindt dat er wel degelijk sprake is ge- weest van bedreiging. ,,Als twee mensen ruzie hebben en een staat te zwaaien met een mes, levert dat een angstige situatie op. In ieder gezin is weleens on- enigheid, maar zo ga je niet met elkaar om. Huiselijk geweld vat- ten we ernstig op. Bovendien waren er kinderen in de woning.'' De aanklager eist een werkstraf van veertig dagen. ,,Moet ik die werkstraf naast mijn werk uitvoeren?'' wil de man weten. ,,Want dat kan niet. Ik werk in ploegendienst. En ik zei al: ik wil geen straf want ik heb haar nooit bedreigd.''
De rechter acht de bedreiging bewezen verklaard. Maar aangezien de man al is gestraft door het straatverbod, en gezien het feit dat er na dit incident geen voorvallen meer zijn geweest tussen de man en zijn vriendin, maakt hij er een voorwaardelijke werkstraf van veertig dagen van. De man staat op en loopt naar zijn vriendin. Gearmd ver- laten ze de rechtszaal.

'Wie het wel gedaan heeft? Wellicht 'n fan'

De verdachte wordt binnengeleid door de politie. De 40-jarige Rotterdammer, met glimmend jack en warrige haardos, kijkt blijmoedig rond. Hij begroet de rechter met een joviaal 'hallo' terwijl hij zijn hand op steekt. Het gaat van- daag om het spuiten van graffiti. Hij is hier al eerder voor veroordeeld. Kleurenfoto's laten zien dat de graffiti veel lijkt op de eerdere schilderingen van zijn hand. De namen NASA en Google vormen in beide graffiti's het hoofdbestanddeel. De tekening is gesigneerd met een onalledaagse naam van zes lettergrepen.
,,Ik heb deze niet gedaan. Echt niet,'' zegt de man wat onvast. ,,Maar uw naam staat erbij, helemaal goed gespeld. En weer NASA en Google,'' zegt de rechter. De verdachte gaat niet in op de vergelijking. ,,Mijn familie werkt bij NASA. Professoren enzo. Kent u NASA?''
Er ontspint zich een ontspannen gesprek tussen rechter en verdachte over NASA, de terug- keer van de Spaceshuttle en satellieten. Dan gaat de rechter terug naar het verhoor. ,,Het handschrift in beide tekeningen lijkt ook op elkaar.'' De man blijft ontkennen. ,,Wie heeft het dan gedaan?'' vraagt de rechter. ,,Kent u iemand uit de graffitiscene die het gedaan kan hebben?'' De verdachte: ,,Misschien een fan van mij. Ik heb het niet gedaan.''

FANS
De officier zegt in haar requisitoir dat de naam van de man weliswaar goed is gespeld, maar dat dit onvoldoende bewijs oplevert. Ze vraagt vrijspraak. De rechter volgt haar eis. Hij ziet weliswaar duidelijke overeenkomsten tussen de beide schilderingen, maar hij kan het niet bewijzen dat deze man verantwoordelijk is. ,,U moet uw fans maar eens aanspreken dat zij het niet meer doen.''.
De man staat op, kijkt de zaal rond en zwaait als een rapper die zijn publiek bedankt. Als hij door de zijdeur wordt afgevoerd onder politiebegeleiding, groet hij met gestrekte arm en gespreide vingers de rechter, die vriendelijk terugknikt.

'Ik kan me niet meer vertonen in de buurt'

,,Het is verschrikkelijk wat er is gebeurd. Maar mevrouw de rechter, ik ben getart, getart, getart. Als je een leeuw in zijn staart bijt terwijl die in een kooi zit, stopt die ook niet bij de rand van zijn hok. Iedereen heeft zijn breekpunt. Het zit niet in mijn aard. Ik gebruik nooit geweld. Maar er brak iets in me.''
Wat was er gebeurd? De man - halverwege de dertig - is gedurende maanden door zijn ex-vriendin gestalkt. Zij wilde hem terug. En op een dag ging het mis.
De man vertelt. Het was de dag dat zijn zoontje uit een vorig huwelijk op bezoek zou komen. Ze zouden pannenkoeken gaan bakken. En uitgerekend op dat moment belt zijn ex-vriendin weer aan. Hij deed niet open, want hij wilde haar niet meer zien. ,,Ik kon het niet meer aan.'' Ze klopte op de ramen, ze schopte tegen de voordeur. De man kon het niet aanhoren, en liep naar boven. De verdachte woont sinds de scheiding van zijn vorige vrouw in bij zijn vader. Na herhaaldelijk gebel en gebonk, deed de oude vader uiteindelijk open.
De man hoorde gestommel en geschreeuw beneden en hij liep de trap af. Hij wilde zijn vader niet alleen laten met de woeden- de ex. Toen zij hem hoorde op de trap, trok ze aan de tussen- deur. Het glas van die deur sneuvelde en overal lagen scherven.

VRIENDENKRING
,,Wat is er precies gebeurd?'' wil de rechter weten. Hij is in blinde woede tegen haar aan gesprongen. Toen zij naar buiten kroop, door het glas in de gang, is hij haar achteraan gegaan, tot op de oprit.
,,Ik baal er verschrikkelijk van. Ik zit er elke dag mee. Ik heb haar niet met opzet geschopt.'' De voortanden van de vrouw zaten los, en haar neus was gebroken. De rechter besluit de man een werkstraf van dertig uur op te leggen.
,,Ik wilde op een nette manier stoppen. Daar liet ze geen kans toe. Onze vriendenkring wil mij niet meer zien. Ik kan me niet meer vertonen in de buurt. Ik ben nu alles kwijt.''

Rechter kan helemaal geen caissière zijn

De verdachte, een 60-jarige man die verslaafd is aan heroïne en cocaïne, is niet komen opdagen. Zijn advocaat is er wel, een jonge man van wie de afgetrapte pijpen van zijn spijkerbroek onder zijn toga uitkomen. Het feit dat voorligt: diefstal van zes traytjes bier. De verslaafde heeft bekend. Wat is nu een passende straf? Het is niet de eerste keer dat hij in aanraking komt met justitie. De officier wil een gevangenis- straf. De advocaat krijgt het woord. Niet alle raadsheren zijn even goed voorbereid in deze kleine zaken. Een enkeling kan de naam van de cliënt niet uitspreken en sommigen verdenk ik ervan het dossier nog nooit te hebben ingezien. Zo niet bij deze advocaat. Hij heeft de zaak grondig bestudeerd. Hij meent dat er een vormfout is gemaakt. Gejaagd doet hij zijn verhaal, dat doorspekt is met juridische termen: 'Bospolaris-richtlijnen, vormverzuim, transactie.' Het komt erop neer dat het OM een boete had moeten aanbieden aan de verdachte. Dat heeft het niet gedaan. Dus is het OM nu niet ontvankelijk. Hij heeft arresten van de Hoge Raad gevonden die zijn betoog onderstrepen. Hij zwaait met kopieën van die arresten. Hij loopt gehaast naar de rechter en de officier om de kopieën uit te delen. In de snelheid struikelt hij en dwarrelen een paar vellen op de grond. De officier gaat mee in de juridische krachtmeting en heeft het over de 'inherente afwijkingsbevoegdheid.' ,,Niet waar,'' vindt de advocaat. Ook dat kan hij weer bewijzen met andere vonnissen. Het juridisch jargon van de advocaat en officier staat in contrast met de reactie van de rechter. ,,U behandelt richtlijnen alsof je die in een kassa kunt stoppen, en voilà, dan rolt het vonnis er vanzelf uit, alsof wij caissières zijn. Met alle waardering voor de functie van caissière - uw cliënt laat zich niet vangen in een paar eenvoudige richtlijnen.'' De rechter vindt het treurig dat een bejaarde man zijn verslaving niet te boven is. Maar diefstal blijft diefstal: een week celstraf.

De buurtkroeg

Proeflokaal de Ooievaar

Havenstraat 11
Delfshaven

De Ooievaar was tot een jaar of zeven geleden een proeflokaal voor jenever. Maar nu is het een eetcafé en een bruine kroeg die muzikanten, dichters en buurtgenoten trekt. Daar doet het café van alles aan. Zo organiseert de Ooievaar elke woensdagavond een skate-tocht en je kunt er streetgolfen. Maar de grootste asset is misschien wel de barvrouw. Steffanie is stoer, hip en mooi. Ze drumt bij een band die Strafkamp heet -ze zoeken nog een manager trouwens. Vanavond heeft ze een paar grote plastic bloemen in haar opgestoken haar geprikt en draagt ze knalrode lippenstift. Met enige trots wijst ze op het petroleumstelletje achter de bar, waarop een gietijzeren pan staat. 'Zelfgemaakte gehaktballen.'

Menno Smit zit aan de bar. Hij is 'de wandelende dichter' van wie in Delfshaven op diverse muren en cafés zijn gedichten zijn te vinden. Hij is ook betrokken bij Camping Rotterdam en is mede-organisator van Poetry Slam Rotterdam. En als hij daarover praat, wordt hij kwaad: 'Acht jaar op rij hebben we het zonder subsidie kunnen organiseren. We hebben Nederlands kampioenen en de wereldkampioen afgeleverd.' Door de crisis is de hoofdsponsor teruggetreden en nu vraagt de organisatie voor een maal subsidie voor dit evenement. 'En wat denk je dat de gemeente zegt? Ze vinden dat de kwaliteit onvoldoende is gewaarborgd in de organisatie.' Hij is nog steeds op zoek naar een geldschieter. 'Ik vind het belangrijk dat jongeren een podium krijgen. Ik zit in Schiedam in het jongerenwerk en dan zie je dat zo'n optreden levens kan veranderen.' In zijn jongerenwerk heeft hij veel te maken met kinderen van Polen en Roemenen. 'Net als de Turken in de jaren zeventig, wordt net gedaan of ze hier tijdelijk zijn, dat ze weer teruggaan. Maar ondertussen wordt er niet geïnvesteerd in de kinderen.'

Wim de Boek, oud-radiomaker en belangrijkste tipgever van deze kroegrubriek, heeft trek gekregen. Steffanie prikt een gehaktbal uit de gietijzeren pan. Alsof Wim de hele dag nog niet heeft gegeten, valt hij met een met een luid 'Hatsjikidee' aan en barvrouw Steffanie kijkt toe, bijna moederlijk.

Café voorheen Voigt

Bloemkwekersstraat 155

Achter de bar staat nog een fotolijstje met het portret van de oude heer Voigt (spreek uit Voogt), naamgever van dit café dat net zo gezellig als hip is. Die combinatie is dus wel mogelijk. Barvrouw Marlies, die lijkt op Uma Thurman die Mia Wallace speelde in Pulp Fiction, is de geheime factor. Ze maakt met iedereen een praatje, alsof het geen werk is maar haar hobby. De kroeg staat vol dertigers en veertigers met hippe trainingsjekkies en gekleurde gympen, een enkele grijze heer met zware hoornen bril. Er is niet een ambtenaar vanavond, des te meer mensen in vrije beroepen, van stukadoor tot kunstenaar, van geluidstechnicus tot vormgever.

Vrijdagavonden en zaterdagavonden mogen klanten intekenen om dj te zijn. Vandaag draait Robert Spalink, voor het eerst in zijn leven. Hij is een beetje zenuwachtig en kan niet meteen alle knoppen vinden. Maar als het dan lukt, kijkt hij glunderend op: 'Strakke mix hè'? Zijn maatje Mark kijkt even op en steekt een duim op, om meteen weer met zijn hoofd in een grote koffer op wieltjes te duiken. Mark is ervaren dj die op grote festivals heeft gedraaid. Hij is na Robert aan de beurt en zoekt onafgebroken in zijn enorme koffer met muziek.

Dan komt de Sambalman binnen. Werden er vroeger in kroegen nog wel eens rozen te koop aangeboden, of polaroid foto's van minnende stelletjes, nu worden er steeds vaker potten sambal verkocht. In een blauw kratje heeft de heer op leeftijd vier soorten zelfgemaakte sambal, in grote potten waar een gemiddeld gezin zo'n vijf jaar mee zal doen. Hij doet goede zaken en vertrekt weer op zijn fiets met aanhanger vol rinkelende sambalpotten, op weg naar de volgende kroeg.

Cafe 't Haantje

Bierens de Haanweg 12, Lombardijen

Feyenoord- Ajax is onderwerp van gesprek bij Café t Haantje in Lombardijen. Een schilder met zijn overall vol verfspatten en een vloerbedekking specialist hebben ongevraagd advies voor Aboutaleb. Feyenoord- Ajax had gewoon gespeeld kunnen worden. In het neutrale vak hadden hekken geplaatst moeten worden. ME-ers zouden in die neutrale vakken de Ajax en Feyenoord supporters uit elkaar moeten houden. Trouwens, het waren de meelopers, niet de hooligans in Hoek van Holland. 'Die relschoppers hebben de Kuip nog nooit bezocht. Daar hebben ze het geld niet voor. Ze moeten eerst nog hun scootertje afbetalen.' Het terras lacht instemmend.

Maar pijnlijk blijft het, de gekozen oplossing voor de bekerfinale. Een man uit Charlois heeft er 500km voor gereisd, om een kaartje in Groningen te bemachtigen. De nacht voorafgaand aan de verkoop heeft hij doorgehaald met Groningers, die veel harder drinken dan Rotterdammers trouwens. Om negen uur 's ochtends was hij de eerste bij een Primera winkel. Hij was zó blij met die kaarten. Maar helaas. Die kaartjes zijn nu niet meer geldig.

Aboutaleb krijgt een onvoldoende van de bezoekers van 't Haantje. Niet alleen om de bekerfinale.

Het zit de terrasbezoekers ook dwars dat hij de Danceparade heeft aangepakt. Komend jaar wordt het een dooie boel in het Zuiderpark, terwijl het Zomercarnaval gewoon mag doorgaan. Hun wensenlijstje is nog veel langer: ze wensen Aboutaleb veel succes bij de opvolging van Job Cohen.

Binnen is het gemoedelijker. Aan de bar staat een gezin - vrouw, man en zoon- te wachten aan de bar tot hun gerecht wordt opgediend. De jonge tiener zou graag het vak van zijn vader willen: het bewerken van steenkool op zo'n manier dat er meer rendement uit de kolen gehaald kan worden. Trots laat de zoon een filmpje zien op de telefoon. Zijn vader zit temidden van een grote berg steenkool op een shovel. Maar de vader wil er niets van weten. Hij heeft liever dat de jongen langer doorleert op school. De scholier laat zijn vader praten, maar als zijn vader even niet luistert, zegt hij tegen mij: 'Ik heb nog vier jaar om mijn vader te over te halen' en hij toont een andere foto op zijn telefoon, waar hij met een grote grijns een shovel bedient.

Grand Café Hoekzight

Voorschoterlaan 190, Kralingen

Bij Hoekzight komen yuppen, Kralingse chic en studenten. Vanmiddag zitten op de hoek van het terras vier mannen, die allen thee drinken en Marokkaans spreken. Een meisje dat bij hen hoort fietst op de stoep van Hoekzight, haar vader waakt over haar roze rugzakje. Aan de ander kant, pal in de zon, zit een groepje buitenlandse studenten. Ze praten net zo rap in het Engels als dat ze bier drinken. Tussen deze tafeltjes in zit een man met grijze haardos die boos is: twee bestuurders van de deelgemeente nemen deze week afscheid en menen dat ze hiervoor een grote tent aan de Maasboulevard moeten opzetten. 'Weet je wat dat kost? Een tent optuigen, met generator, aankleding, boompjes en een tribune...minstens 20 mandagen. Ik schat minimaal 30.000 euro! En dat in deze crisistijden. Zijn er in het gebouw van de deelgemeente soms geen zaaltjes?'

Barvrouw Nel maakt met iedereen een praatje, een grapje met de studenten, een kroket voor een stamgast. Een hoogblonde vrouw van rond de dertig en haar net zo blonde moeder zitten binnen. Ze wachten op de kleindochter die een half uurtje les heeft op de muziekschool, hier schuin tegenover. Ze drinken nooit meer dan twee witte wijn, want de grootmoeder moet vanavond nog bridgen. Ze wil niet dat anderen haar rode blos zien. 'Ze ruiken het toch wel', zegt haar dochter. Zij is net ontslagen bij een reorganisatie. 'Dat is typisch Nederland, ze kijken niet naar prestatie, maar ze ontslaan volgens 'last in, first out.' Ze is aan het solliciteren maar op elke vacature komen 200 reacties. Moeilijke tijden. Maar dan komt Barvrouw Nel bijschenken en alles is weer goed, hier in Hoekzight.

Concordia

Westhavenkade 28, Vlaardingen

Café Concordia staat op een plek waar al bijna 400 jaar bier wordt getapt, aan de haven van Vlaardingen. Het uitzicht op de oude pakhuizen, de brug en de haven is prachtig, maar daarvoor zijn de stamgasten hier niet gekomen. Die zijn hier voor de gezelligheid en voor het bier. Maar vooral voor de blonde barvrouw Wil. Ze vertelde net hoe haar kanarie de kat heeft opgegeten. O nee, net andersom, maar het is al te laat. De hele middag is de kanarie een running gag: Willem, een stoere vent met lange haren, tatoes en een Hells Angels t-shirt, zegt dat hij vanochtend nog met zijn kanarie op zijn schouder liep, maar dat hij dat voortaan wel uit zijn hoofd zal laten. Als zo'n beestje een kat kan opeten, wat is het volgende wat hij zal verslinden? De stamgasten lachen kostelijk en Willem het hardst. Wil veegt de tranen van het lachen uit haar ooghoeken.

Stoere Willem zorgt samen met zijn vader voor zijn bejaarde moeder die dement is. Ze woont nog steeds thuis. 'Mijn vader zou haar nooit alleen naar een verpleeghuis laten gaan. Wat moet een oude maar gezonde man in een verpleeghuis? En het is ook niet te betalen.'

Een andere stamgast, een heer van 62, lijkt de andere klanten niet echt nodig te hebben voor zijn gesprek. Hij vertelt toch wel. Zijn moeder had het onheil in 1939 voelen aankomen. Voor het uitbreken van de oorlog is zij naar Aruba verhuisd. Na de oorlog maakte zijn moeder hoogzwanger de oversteek van Aruba naar Rotterdam. 'Bijna was ik een Amerikaan geweest. Iedereen die werd geboren aan boord van het Amerikaanse schip, kreeg de Amerikaanse nationaliteit.' De weeën begonnen aan boord, maar hij werd geboren op Rotterdamse bodem, iets wat hij nog altijd jammer lijkt te vinden. 'Ik had bijna een Amerikaans paspoort gehad.'

De eigenaar van een schildersbedrijf vertelt dat hij vanmiddag bij de buren was, een advocatenkantoor. Daar was Willem vandaag ook al, voor een vriendin. En die man daar verderop aan de bar trouwens ook. Het lijkt erop dat Concordia dienst doet als wachtruimte voor het advocatenkantoor. Beter in een kroeg te wachten dan in een kantoor, niet waar? Een gouden combinatie: advocatenkantoren en kroegen. Zouden ze vaker moeten doen.

Cafe de Postbank

Schieweg 88-A

Op de hoek van de bar zit een heer die de zeventig is gepasseerd. Naast zijn bierglas staat een jonge klare. 'Ik mag eigenlijk niet meer roken en drinken van de artsen', zegt hij half hoestend.

'We denken iedere keer dat hij doodgaat', vult de barvrouw van De Postbank aan. 'Dan ligt hij weer voor dood in het ziekenhuis, maar dan komt hij toch weer terug.'

Ooit was hij kleermaker op een schip van de Holland Amerika Lijn. Uit zijn portemonnee komt een visitekaartje tevoorschijn. De SS Statendam is in kleur afgedrukt. Het kaartje is nog puntgaaf, terwijl het toch zo'n vijfentwintig jaar oud moet zijn. De kleermaker was lid van de bond. Dat was hard nodig, want er was onrecht in die tijd. Sommigen kerels kregen 1 gulden 20 voor een uur overwerk, en anderen maar 58 cent, terwijl dat ook mannen met gezinnen waren. Het schip heeft wel eens een paar dagen aan wal gelegen tot het conflict was opgelost. Journalisten van het Vrije Volk en alles kwam er op af. Nu is hij alweer 23 jaar getrouwd met een Filippijnse vrouw. 'Een heel klein vrouwtje.' Haar naam kom ik niet te weten. Wel haar lengte: 1 meter 46.

Joop Hoogwerf, al 18 jaar eigenaar van deze kroeg, gaat dit jaar voor het eerst dicht met oud & nieuw. Maar een paar vrijgezellen die geen onderdak hadden zijn nu bij hem thuis uitgenodigd. Hij zit al op een mannetje of twintig. 'En Marcel' vult de barvrouw aan.

Henk, een man met een verzorgde snor met kunstig gedraaide punten hoeft niets te bestellen: bij zijn binnenkomst staat er al een glas thee voor hem klaar. Hij komt hier om met gewone mensen te praten. Hij zit namelijk in het bestuur van de jockeyclub. Nee, dat had hij zelf ook nooit gedacht, hij komt maar uit een gewoon gezin. Daar op die club zit hij tussen de advocaten en de artsen. Hij kent de Postbank nog van vroeger, toen hij een hoveniersbedrijf had. Het was nog in de tijd dat er geen draagbare telefoons waren. Zijn werknemers gingen altijd lunchen in cafés, toen mochten de mannen nog hun eigen boterham opeten in de kroegen. Als Henk een bericht had voor een van zijn hoveniers, belde hij de cafés op, want hij wist precies waar ze zaten tussen 12 en half één, en de barman bracht de boodschap over. Zo ging dat in die tijd.

'Ja, zo ging dat in die tijd', beaamt de kleermaker, terwijl hij het visitekaartje van weleer zorgvuldig in zijn portemonnee stopt.

V34

Voorstraat 34, Spijkenisse

 Aan de Voorstraat, een prachtig straatje met oude panden, ligt V34 . Het is een ruime kroeg die het midden houdt tussen een bruin café en een grand café. Op zondagmiddag is er live muziek, en komt jong en oud. Op vrijdagmiddag is het vooral een buurtkroeg met vaste klanten die gemoedelijk een gesprek voeren aan de bar. Met hun grappen zijn ze goed op elkaar ingespeeld. De barman, die zich 'pleaser en teaser' noemt terwijl hij een vette knipoog geeft, vraagt of die activiteit nu op 34 maart is gepland. 'Nee, op 34 octuari', antwoordt een vrouw adrem.

Svetlana is de eigenares. Zij en haar man hebben deze kroeg een paar jaar geleden gekocht. Ze overweegt om te gaan verhuizen naar Spijkenisse. Sinds een jaar heeft ze een kleintje thuis, en dan is dat op en neer rijden tussen Rotterdam en Spijkenisse toch maar niets. Vanavond zal ze ook pas weer om vier uur 's nachts thuis zijn, na sluitingstijd. Met haar laptop op de bar beoordeelt ze samen met de gasten het huizenaanbod in Spijkenisse. Alles wordt vrij snel afgekeurd. Nog maar even forensen voorlopig.

Als ik naar haar Russische naam informeer, maakt ze een afwerend gebaar. 'Ik ben geboren in Servië, maar ik ben ook Rotterdammer. Ik heb geen nationaliteit. Ik ben een mens, een ziel.' We krijgen het over een stamgast die na zijn pensioen gaat verhuizen naar Thailand. 'Hij zal hetzelfde ervaren als ik. Als je daar bent, mis je Nederland, en als je hier bent, mis je wat je daar had.' Een man aan de bar vindt dat deze Thaise vrouw het goed voor elkaar heeft: ze heeft toch mooi een oude man met een paar centen aan de haak geslagen. 'Maar hij heeft het toch ook goed bekeken?'vindt Svetlana. Ik vraag of zij ook wel een jonge god zou willen als ze 65 wordt. Svetlana lacht: 'Mijn vriend is 15 jaar jonger dan ik, dus ik heb het nu al goed voor elkaar.'

De gasten vinden Spijkenisse prima om te wonen. Het 'dorp', zoals ze het centrum noemen, is behoorlijk opgeknapt de laatste jaren. Spijkenisse heeft nu alles wat je nodig hebt, alleen zouden er nog een paar terrasjes bij moeten. 'Het is in ieder geval gezelliger dan Capelle', stelt een man vast. En daar is iedereen het over eens.

Het Bronzen Paard

1e Pijnackerstraat.

Het oude Noorden

De leden van de schaak- en damclub Crooswijk schaken elke dinsdagavond in een zaaltje van café Het Bronzen Paard. In het begin fluister ik nog, bang hen te storen, maar dat is niet nodig, verzekert de voorzitter me. Inderdaad, er wordt gelachen en gedronken. Sommigen staan even op en bekijken de ontwikkelingen bij andere partijen, die ze dan hardop becommentariëren. 'We zijn de Pietjes Bell in de schaakwereld. Nergens anders mag je praten of drinken.' Het mag dan ongedwongen en gezellig zijn, maar het niveau is wel serieus: twee heren vanavond aanwezig hebben remise gespeeld tegen Timman. Ik vraag advies over mijn dochter van zeven jaar. Ze kan schaken en ze vindt het leuk, maar is ze niet te jong voor een schaakclub? 'Te jong? Eerder te oud. Als ze ooit haar geld wil verdienen met schaken, had ze op haar vierde moeten beginnen.'

Terug naar de kroeg. Naast een etalagepop waarop een snor en baard zijn getekend hangen schilderijen van de SSRotterdam netjes in het gelid. De bedrijfsleider is voormalig bemanningslid van de Holland Amerika Lijn. Hij vertelt zijn verhaal van miljonair tot platzak, en nog eens van rijk naar arm. Hij heeft zijn hele leven nog nooit gerookt, alleen geblowd. Naast hem zit kunstenaar Hans van de Linden. Hij heeft een schildering gemaakt voor een plein in Noord. De buurt vindt 'het schip met de rode wolk' geweldig, maar nu doet de deelgemeente lastig. 'Politici hebben geen verstand van kunst. Ze begrijpen de symboliek niet.' De bedrijfsleider lacht hard om zijn eigen grap: 'Symboliek? Je bedoelt het zinkend schip!' De kunstenaar lacht niet mee. Hierover is het laatste woord nog niet gezegd: hij gaat in beroep tot de schildering er komt. 

Lust

Jan Bijloostraat 25
Alexanderpolder


Zondagmiddag in Alexanderpolder. De straten zijn stil, de wind giert door het verlaten winkelcentrum Lage Land. Maar bij Lust is het gezellig. Er is een restaurantgedeelte waar tapas worden geserveerd, en aan de voorkant is Lust een bruine kroeg. Aan de bar zitten drie mannen te dobbelen. Ze komen elke dag klokslag half vier, en dan dobbelen ze tot vijf uur. Al tien jaar lang, toen Lust nog Lamme Goedzak heette. Op een groot beeldscherm wordt Feyenoord gevolgd. De oudste van de dobbelaars heeft al jaren een Feyenoord seizoenskaart, maar hij is vandaag te slecht ter been om zelf te gaan. Nu heeft een kroegmaatje van hem zijn kaart gekregen. Hij zal zo wel komen, de wedstrijd is bijna afgelopen. Uit het commentaar in de kroeg maak ik op dat de verrichtingen ondermaats zijn. Maar trouwe supporters blijven ze. Aan hoge kroegtafels zit een stel op leeftijd, handje in handje. Ze drinken rode wijn. De heer is 76. Hij is sinds vier jaar weduwnaar en heeft recent de liefde van zijn leven gevonden. Ze waren allebei niet op zoek, maar het gebeurde gewoon. De vrouw aan zijn zijde straalt. Gemakkelijk is het niet: zij verzorgt thuis haar gehandicapte echtgenoot. Ze is vijftig jaar getrouwd en zal haar man nooit in de steek laten. Maar ze is wel verliefd. Dus af en toe genieten ze van een gestolen moment, en drinken ze hier een wijntje. De dame kijkt op haar horloge. Ze moet naar huis, haar man wacht. Jeroen komt terug van de thuiswedstrijd van Feyenoord. Samen met de stamgasten wordt de wedstrijd geanalyseerd. Het elftal speelt te compact. De vleugels zijn lam. Ze zijn niet alleen supporter van Feyenoord, maar ook fan van Alexanderpolder. Sommigen wonen er al hun hele leven. Trots vertelt Jeroen dat dit de eerste nieuwbouwwijk van Rotterdam is. Het is goed wonen hier. De mensen kennen elkaar, net een dorp. Nergens is zoveel groen als hier en het ligt heel centraal. Wat nou desolaat. Het is het hart van Rotterdam.

Cafe de Willemsbrug

Maaskade 95b
Noordereiland


De band speelt niet vanavond. Elke dinsdag maken stamgasten live muziek. Zo speelden ze vorige week Ramses Shaffy. Duizend excuses dat ze juist vanavond verzaken, zegt de gitarist, een binnenvaartschipper die door een ongeluk op het schip blind is geworden. Als ik vraag hoe hij denkt dat ik eruit zie, is zijn beschrijving behoorlijk accuraat. Net zo treffend wordt mijn hand gelezen door helderziende Z ('Een overledene, Ria of Rita zoekt contact; kijk uit voor pijn in je zij'). Ze heeft ambitie. Ze is koffiedikkijker en ze wil helpen in zedenzaken met kinderen. Oud-profvoetballer Theo van Toledo hoort het allemaal welwillend aan, maar laat zijn hand niet lezen. 'Ben je gek. Ik weet liever niet wat er allemaal nog komt.' Dan vertelt een kok een schuine mop die ik van Theo niet in de krant mag navertellen en we bestellen nog een rondje bij barvrouw Jacqueline, die sprekend op Sylvia Kristel lijkt -ik ben niet de eerste die dat zegt. Ik verhuis van de bar met zwagers Kees & Kees, binnenschippers, koks en koffiedikkijkers naar een groepje achterin het café. Daar zit het bestuur van een Vereniging van Eigenaren van een appartementgebouw. De arts, de diplomaat en de student hebben vergaderd en zijn tevreden: al hun punten zijn er doorgedrukt. De diplomaat in ruste is nu amateur-radiozender. En hij bouwt een modeltreinspoor. Voor zijn kleinkind, zegt hij, maar de twinkeling in zijn ogen verraadt dat hij er minstens zoveel plezier aan beleeft. Als 'Laat me' van Ramses Shaffy klinkt en een kok met veel vibrato meezingt, weet ik dat het tijd is om te gaan. Maar ik blijf.

Café Timmer

Nieuwe Binnenweg 120
Rotterdam


Al meer dan een eeuw wordt hier bier getapt en zo ziet café Timmer er precies uit: stijlvast en consequent missen alle nieuwerwetse fratsen. Bij Timmer klinkt er géén muziek. Een gokkast ontbreekt. Wel staat er een glimmende antieke biertap en hangt er kunst aan de muur. Het is hier meer de bedoeling dat je bier dan koffie bestelt, af te leiden uit het minuscule koffieapparaat dat is bestemd voor huishoudelijk gebruik. De naam van journalisten- en kunstenaarskroeg maakt Timmer helemaal waar op een mistige maandag, vroeg in de middag. En oud-horeca onderneemster Anna Vingerhoets zit aan de toog. Zij had in de jaren vijftig al een kroeg en heeft daarna cafés door heel Rotterdam gehad. 'Bij ons mochten vrouwen aan de bar komen zitten. Dat was toen helemaal nieuw in Rotterdam.' Anna is 77 jaar en een ravissante vrouw met haar ogen die zwaar zijn aangezet met zwarte kohl en met haar hennarode haren. 'Ik snap niet waarom vrouwen zo geheimzinnig doen over hun leeftijd. Het is prima om oud te zijn. Als mensen ouder worden, gaan ze vaak zo zeuren. Hou toch op. Het leven is mooi.' Een man hoeft ze niet meer, na 6 huwelijken. 'Dan moet ik zeker een man van mijn leeftijd zoeken? Die hangen alleen maar op de bank om te vragen wat we vanavond eten. En ze leveren commentaar op de manier waarop ik de aardappels schil.' Erwin Schenkel, een Rotterdamse kunstenaar met rode zwierige sjaal, schuift aan. Naast zijn werk als kunstenaar, werkt hij in een galerie. Anna heeft vroeger ook wel eens kunst verkocht. 'Dan vroegen ze of er een schilderij te koop was dat bij hun bankstel paste.' Erwin deelt die ervaring: 'Ze komen soms met kussentjes en complete lappen stof om een bijpassend schilderij uit te zoeken.' Anna en Erwin bespreken zinnen waarmee zo'n klant te woord kan worden gestaan. Maar de aangeraden verkoopvolzin voor zulke kunstkopers 'Dit is een heel neutraal schilderij', krijgt Erwin toch niet over zijn lippen. Alweer een reden tot joviaal gelach en een toost bij café Timmer.

Café Daktari

Op de hoek Van Noortwijckstraat / Duijvesteinstraat
Overschie


Eigenlijk wilde Gerda een herdershond. Maar ze kwam thuis met een Chihuahua. Nu zit ze met het hondje, Cracker, op schoot aan de bar. 'Hij heet zo omdat een Dobermann 'm hap-slip-wegwerkt. Net een cracker.' Ze is achteraf blij dat het geen herdershond is geworden. 'Je stopt 'm in een handtas en hij kan overal mee naar toe. In een restaurant weten ze niet eens dat ik 'm bij me heb.' In het begin was het nog wel de vraag of haar man, een boomlange vent, met het schoothondje gezien zou willen worden. Maar ook dat is opgelost. Gerda raadt me aan om met 'De Belg' te praten, een Maastrichtenaar die boven het café woont en aan een tafeltje zit met een kopje koffie. Hij is de enige die koffie drinkt trouwens. Volgens kastelein Cees van der Munnik zijn er maar weinig cafés die per vierkante meter in de buurt komen van de bieromzet van zijn zaak, en dat geloof ik. Met een glas in mijn hand, staan er alweer twee glazen op me te wachten. Cees slaat zich lachend met twee handen op de buik: '140 kg. Je moet wel achter het product kunnen staan dat je verkoopt.' Het is druk op vrijdagmiddag bij café Daktari. De markt is net afgelopen en een grote groep van voetvalvereniging HWD (Het Witte Dorp) heeft daar net een promotiestand gehad. Daktari is een tussenstop: de meesten gaan later weer door naar de klaverjasavond van HWD. Kan ik klaverjassen? Dan kan ik mee. En anders ook trouwens. Ik kom in gesprek met een stamgast die vindt dat hij geen goede verhalen heeft. Voor kroegverhalen moet ik bij zijn broer zijn, aan de overkant van de bar. Maar hij waarschuwt me: als ik met die oudere broer in gesprek ga, kom ik de eerste twee uur niet weg. 'Gegarandeerd.'De broers komen uit een gezin met 17 kinderen. Ze hebben elkaar de hele avond niet gesproken, en toch waren ze hier speciaal voor elkaar. 'We hebben elkaar toch gezien?' De jongere broer had gelijk. Twee uur later neem ik afscheid van de broer en van het café. Als ik weg wil gaan, informeren de metaalbewerkers hoffelijk en een beetje bezorgd naar mijn vervoermiddel. Met de fiets? Nee toch? Waar moet ik helemaal naar toe? Niks ervan. Ze bieden aan om te lappen voor een taxi. Of wil ik mijn fiets achterin een busje gooien? Het is allemaal niet nodig. Maar wat een galante mannen, die grote kerels met kort geschoren koppen.

De ballentent

Parkkade 1
Rotterdam


Er is levende muziek op zondagmiddag in de Ballentent. Twee vriendinnen met getekende gezichten drinken cola light en chocomel en deinen mee op muziek van Ramses Shaffy en Andre Hazes. De twee dames, eentje donker en de ander blond, zijn speciaal uit Hoek van Holland gekomen voor deze kroeg. Ze zijn niet op zoek naar mannen, hou toch op. 'Ik ben 75 jaar. Mannen zijn er altijd beroerder aan toe dan vrouwen. Ik mankeer niets en dan kan ik zeker zijn rollator gaan duwen. Mooi niet. Ik blijf alleen.' De vriendin met de donkere haren is minder stellig. Zij zoekt niet, maar soms vinden mannen haar. De zanger met keyboard krijgt ondertussen de dansvloer vol. De donkerharige vriendin waagt een duet met de zanger, en glundert als ze wordt aangekondigd als 'Andrea Hazes.' De barmannen in de Ballentent zijn gekleed in wit overhemd en zwart gilet. Af en toe geven ze een zwieper aan de lampenkapjes boven de bar. Zondagmiddag bij de Ballentent is feest, vindt ook een heer met een grijze volle haardos. Hij is hier graag, als hij in Nederland is. Een tijdje terug werkte hij in Sint Petersburg, nu is hij weer terug. Als ik vraag wat voor werk hij doet, antwoordt hij dat hij voor de KNVB werkt. Vroeger heeft hij nog wel lesgegeven. We krijgen een gesprek over jonge voetballertjes, scholen en Rusland. Hij blijft hoffelijk en geeft me tips voor andere kroegen voor deze rubriek. Bij het afscheid vraag ik nog eens naar zijn naam. 'Cor Pot.' Ik verontschuldig me. Ik had hem moeten herkennen. 'Jij weet vast weer andere dingen,' zegt hij met een grote glimlach. Linda, een blonde vrouw aan de bar, drinkt rode wijn die haar elke ronde iets loslippiger maakt. Ze vindt deze bar 'enig': mensen luisteren hier zo goed naar elkaar. Zij zal eerlijk zijn. Ze is halverwege de dertig - en ik zou niet de eerst zijn die haar veel jonger zou inschatten- en ze weet nog steeds niet wat ze zoekt. Niet één opleiding heeft ze afgemaakt. Nu werkt ze in een bar, eens per week. Dat heeft ze eigenlijk haar hele leven al gewild. Maar het kroegleven blijkt zwaar. 'Je mag niet drinken, als barvrouw. Soms heb je met lastige types te maken. En dan die tijden, want het schoonmaken komt er nog bij hè. Elke nacht zo laat thuis...achter de bar is iets voor af en toe, niet voor elke woensdag.' Barman Paul hoort het half aan, en tapt nog een perfect Rotterdammertje.
Columns
Per eind mei verschijnt een wekelijkse column van mij in het AD Rotterdams Dagblad.
> lees verder
Loutermail:
louterlog@gmail.com
Feeds:
atom/rss


Bestellen via Louterlog


Blogroll: