Tsja.
Vraag me niet hoe ik er terechtkwam. Maar opeens, op een zondagmiddag, terwijl ik echt andere dingen te doen had, een school redden bijvoorbeeld, daarover later meer, stond ik daar tussen een uitverkocht Carre, een wonderbaarlijke mengeling van onder anderen in bussen vervoerde blij-gelovigen uit de provincie, zwarte vrouwen in traditionele gewaden, de politiek-correcten die van wereldmuziek zeggen te houden,
in mijn handen te klappen bij het Soweto Gospel Choir,
op,
godbetert,
Happy Days.
En ik genoot.
Genieten is misschien niet het goede woord.
Ik kreeg kippenvel toen het gospelkoor opkwam. Mijn tranen vloeiden bij, ik weet niet meer, was het het derde of vierde lied. En waarom dan toch? Wat is de sleutel tot mijn kippenvel, tot mijn tranen? En hoe komt het dat zij die code zo moeiteloos kunnen kraken?
Nee, nee, ik blijf atheïst, hou eens op. En een ietsist zal ik nooit worden.
Maar mooi was het wel, en niet alleen in zijn soort.

