Het is mei-vakantie. Mijn kinderen hebben dit jaar zelfs drie weken lang vrij. Zo’n halve zomervakantie vergt een plan. Op een zondagmiddag drinken mijn broer en ik een biertje en tijdens die borrel ontstaat het idee om er een paar dagen samen erop uit te gaan met de kinderen. De neefjes en nichtjes zien er naar uit. We proosten op een gezamenlijke vakantie. Nu nog even geschikte accommodatie vinden. Dat is zo gepiept natuurlijk, aangezien Nederland in diepe economische crisis verkeert en niemand geld heeft voor een vakantie.
Dat valt tegen. Ik surf twee volle avonden op internet, met een fles rode wijn naast mijn toetsenboord, op zoek naar een geschikte locatie. Tijdens mijn derde glas heb ik eindelijk beet. Tikkie euforisch door de vondst en misschien ook door de alcohol boek ik de vakantiehuisjes. Dat was allemaal een week geleden.
Op de dag van vertrek zoek ik nog even de precieze adresgegevens van de camping. Ik bezoek de homepage en klik nog een paar pagina’s verder. Dan beland ik opeens in een scherm met ‘welkom op onze alcoholvrije camping’. De Algemene Nederlandse Geheelonthouders Bond blijkt de exploitant van de camping. Deze bond propageert een alcoholvrije leefstijl. ‘We vragen van onze gasten om op onze camping geen alcohol te gebruiken.’ Dat is natuurlijk uiterst redelijk, alleen heb ik dit helemaal over het hoofd gezien tijdens het boeken. Het vakantiegevoel kan op vele manieren tot stand komen, maar die droge witte wijn op het terras maakt mijn geluk nog completer.
De middagen op de camping zijn prima. We werken loyaal mee met de regels van de bond en we zien af van een koude rosé in het avondzonnetje. De avonden zijn lastiger. Wij, broer en zus, willen bomen over het leven. Dat kan bij een pot kruidenthee, maar dat is toch anders. En zo lopen wij, twee volwassenen, ’s avonds met een fles wijn als smokkelwaar over de camping, de fles omwikkeld in theedoeken en verstopt in jassen. We sluiten de gordijnen en drinken stiekem wijn uit theemokken. Ik zweer dat niemand iets van de drank kan zien, horen, of ruiken. Het clandestiene karakter verleent onze avonden bijzondere glans -en daar hebben we er nog eentje op genomen, met excuses aan de bond van geheelonthouders.