Heistop en reputatieschade
Toptennissers willen ook wel eens uitslapen. Daarom zijn vorige week de heiwerkzaamheden voor de nieuwbouw van het Centraal Station tijdens het ABN Amro toernooi stilgelegd tussen 9-12 uur. De tennissers logeerden in hotels in de buurt van het station.
Deze heistop is een beslissing van de gemeente. Hoe zou dat besluit tot stand zijn gekomen? Misschien was er onder de ambtenaren wel een jonge vader die zijn idool Roger Federer eindelijk naar Rotterdam zag komen. Die ambtenaar wist wellicht dat Federer een tweeling heeft van nog geen 3 jaar oud. Iedere jonge ouder weet wat die leeftijd voor nachtelijke ellende kan zorgen. Die ijverige ambtenaar dacht: stel dat Roger Federer zijn gezin meeneemt. Dat kan hem met die kleine nachtbrakertjes zo het kampioenschap kosten. Dat zal Rotterdam niet gebeuren. Wij zorgen dat hij kan uitslapen als Charlene Riva en Myla Rose hebben lopen spoken. Vervolgens belde die ambtenaar met de aannemer en de heistop was een feit. Iedereen blij- zou je zeggen.
Toch niet. Leefbaar Rotterdam zag allerlei problemen. Jolanda Ton van Leefbaar Rotterdam maakte zich zorgen over de rechtsongelijkheid: waarom wordt het heien wel gestaakt voor toptennissers, en niet voor mensen die nachtdienst hebben gehad? Jolanda Ton noemt nu alleen de nachtdienst, maar wij kunnen deze lijst gemakkelijk uitbreiden met studenten, werknemers in de horeca, mensen met een jetlag, alcoholisten met een kater, Polen die lang hebben moeten doorklussen, en alle andere Rotterdammers die uitslapen op prijs stellen. Goed punt Jolanda! En nog een probleem: door vier dagen lang drie uur later te beginnen, loopt de bouw van Rotterdam CS mogelijk vertraging op. Wie gaat daar voor opdraaien?
Terechte pijnpunten, maar Leefbaar Rotterdam verzuimde het grootste risico van de heistop te noemen: de enorme reputatieschade voor onze stad. Rotterdam stond bekend als een stad van harde werkers. Niet lullen maar poetsen. In vier dagen is dat imago weggevaagd. Roger Federer stond ’s morgens op in zijn stille hotelkamer en keek op zijn Zwitserse horloge. Het werd negen, tien en zelfs elf uur in de ochtend. Tot zijn grote verbazing was er nog helemaal niemand aan het werk in Rotterdam. Pas om twaalf uur begon Rotterdam een beetje wakker te worden! Hij schudde misprijzend zijn hoofd bij zoveel stedelijke luiheid.



