We waren in Nijmegen

'Wat een Nijmeegse koppen allemaal', zei ik tegen R, die precies wist wat ik bedoelde. Maar probeer het maar eens onder woorden te brengen. Linksige outfits maar te duur, te burgerlijk, te eenvormig om echt links te zijn. Ze luisteren wereldmuziek, maar wel uit de duurste stereo. Ze zitten op duurzame stoeltjes van huisleverancier Wals wonen. De vrouwen dragen ingewikkelde hoeden en sieraden uit de wereldwinkel. Zoiets. En wat voel ik me daar thuis, alweer, nog steeds. De wandelaars en de fietsers kijken elkaar aan, knikken elkaar toe ten teken dat je voorrang krijgt of kunt oversteken. Automobilisten stoppen bij zebrapaden. Ongelooflijk maar waar. Wij gingen naar Heumensoord, een bosje, voor een picknick. In 1993 wachtte ik daar als bestuurslid van een traditionele studentenvereniging op de binnenkomst van de studenten die meeliepen in de Vierdaagse -de studenten weerbaarheid. Het bestuur moest vanaf Heumensoord de weerbaarheid begeleiden naar de finish van de Vierdaagse. Best nog een eind, vooral in de hitte in een zwart mantelpak met panties en hoge hakken, maar vooral als je de nacht tevoren nog tot zeven uur 's ochtends hebt getapt in de studentenvereniging. De mensen langs het parcours spraken ons moed in voor de laatste paar kilometer. Ik hoorde een oud dametje zeggen 'Zou ze echt 40km op die hakken hebben gelopen?' Is het vanwege die herinneringen, vanwege de Nijmeegse koppen of het landschap? Iedere keer rijden we terug en mijmeren over wanneer we terug zullen gaan en waar we dan zullen gaan wonen.

Dealers in rode autootjes

Ik schaam me maar ik geef het ronduit toe: ik heb de politie getipt. Er stond die nacht een auto bij ons voor het huis geparkeerd, een rood autootje. De twee mensen bleven in de auto zitten. Af en toe zag ik de display van hun telefoons oplichten. Na een tijdje kwam een andere auto aanrijden, die naast het rode autootje stopte. Raampjes gingen open, de bestuurders spraken met elkaar, en toen reed die tweede auto weer weg. Het rode autootje bleef staan, de mensen stapten niet uit. Er zijn weer dealers in de straat, concludeerde ik. Met de wetenschap van nu weet ik dat ik me heb vergist. Maar hé. Ik heb verzachtende omstandigheden: die week was er al twee maal ingebroken in onze auto. En kort daarvoor was mijn man voor ons huis bedreigd met een mes. Ik was misschien wat bangelijk geworden. Ik dimde het licht in onze huiskamer opdat de dealers niet zagen dat ik nog op was. Voor het eerst in mijn leven draaide ik het nummer van de politie. Ze beloofden polshoogte te komen nemen en enige minuten later kwam een politiebusje onze straat inrijden. Twee agenten stapten uit. Ze hielden hun zaklamp vast zoals ik dat alleen nog maar agenten bij CSI had zien doen: met gestrekte arm ter hoogte van de schouder, hielden de zaklamp in een gebalde vuist. Zo schenen ze naar binnen in het rode autootje. Het raampje ging open. Er werden documenten uitgewisseld. Het politiebusje reed na tien minuten weg. Meteen ging de telefoon bij ons. 'Hallo, met de politie. U belde net met een melding. We hebben het gecontroleerd, niets aan de hand. Het waren een jongen en een meisje. Als u weer iets verdachts ziet, meld het ons gerust. Prettige avond nog mevrouw.' Toen de politieagent ophing, scheurde het rode autootje weg en verdween in de nacht om mij met mijn kolossale schaamte achter te laten. Wat was in mij gevaren dat ik een verliefd stelletje de stuipen op het lijf liet jagen?

Onbereikbaar

Er was eens een onbereikbare held. De held zat op zijn berg en strooide af en toe iets wijs en goeds over de menigte uit. In een onstuimige, zeg maar roekeloze bui bedacht ik dat ik hem eens ging benaderen voor een onderhoud. Van mijn part een interview. Alles om een glimp van hem mee te krijgen. Toen ik mailde naar de tussenpersoon -want zo gaat dat met onbereikbare helden, die hebben altijd tussenpersonen- zei ze dat hier zijn telefoonnummer was en dat ik hem volgende week wel zou kunnen spreken, als ik zou willen. 'Maar wat moet ik dan zeggen?' wilde ik haar vragen.
Columns
AD RotterdamsDagblad.
> lees verder
Loutermail:
willemijn.dicke@gmail.com
Feeds:
atom/rss